Lompat ke isi

Halaman:Mĕnangkabausch-Maleische zamenspraken; Si-Daud Radja Medan, 1872.pdf/95

Dari Wikibasurek
↓Laman ko alah sah

II

Bataks, die veel meer dan haar gebure de aandacht getrokken heeft, nog niet zoozeer om haar bijzonder letterschrift, als wel voornamelijk oml het eigenaardige en belangwekkende volk, dat zich van haar bedient en dat het Maleisch niet verstaat. Met de taal van het oude Měnangkabau, de tegenwoordige Padangsche Bovenlanden, is dit niet zoo gegaan. In die streken kon men zich met het gewone Maleisch behelpen, en daarbij is het schrift, waarmee die taal geschreven wordt, het Maleische, de woorden zijn Maleische, en wie het gewone Maleisch spreekt wordt er verstaan; dat de inlanders onder elkaar een tongval spreken, waarvan men naauwelijks een woord begrijpen kan, daarop heeft men niet veel gelet, daar de behoefte om dien te leeren zelden moest gevoeld worden. Intusschen was die tongval toch de volkstaal en laat iemand, die het Maleisch goed verstaat of meent te verstaan, nu maar eens de hier uitgegeven zamenspraken inzien, zoo zal hij ontwaren dat misschien geen enkele regel hem volkomen duidelijk is, hoeveel woorden er ook zijn mogen, die hij herkent. Met de kennis van het gewone Maleisch toegerust, hetzij die kennis zich ook over het klassieke Maleisch uitstrekt, of zich bij het Laag-maleisch, of bij die taal zooals zij te Riouw, Batavia, Borneo of elders gesproken wordt, bepaalt, met die kennis zal men dat Maleisch van de Padangsche Bovenlanden toch nog niet verstaan. Of men dus al weet dat